Dragen
verenigingsspeld(en)
Er bestaan binnen Defensie voorschriften voor
het dragen van (Koninklijke) onderscheidingen in
combinatie met onderscheidingen van civiele
organisaties. Daarbij gaat het dan altijd om de
draagvolgorde.
Het dragen van onderscheidingen op een burgerkostuum is
nauwelijks aan regels onderworpen.
Het is volgens het Handboek Onderscheidingen van het
ministerie van Defensie toegestaan om
modelonderscheidingen in de voorgeschreven volgorde te
dragen op een burgerkostuum ".... bij
herdenkingsbijeenkomsten en andere bijzondere
gelegenheden waarbij dit wordt vermeld ....."
Voor het overige gelden de voorschriften van de
Kanselarij der Nederlandse Orden uit 1999.
Op een wandelkostuum mag men volgens die voorschriften
bijvoorbeeld geen modelversierselen, maar wel een
draagteken van een (ridderlijke) orde dragen.
Soms kent een onderscheiding een dwingend
draagvoorschrift. Bij het besluit tot instelling van een
Veteraneninsigne of van het Dutchbat III insigne is
bijvoorbeeld duidelijk aangegeven dat deze op de
linkerrevers van een wandelkostuum gedragen moeten
worden.
Afgaande op de bestaande richtlijnen zijn de
belangrijkste draagregels:
- onderscheidingen en insignes worden bij voorkeur
alleen links gedragen ) dus niet en links en rechts;
rechts dragen van officiële
eretekens is
nooit toegestaan.
- draag bij voorkeur op een wandelkostuum niet meerdere
onderscheidingen en insignes tegelijkertijd; de keuze
welke
onderscheiding of welk insigne
men draagt is afhankelijk van de gelegenheid die men
bezoekt;
- een officiële nationale onderscheiding gaat boven een
onderscheiding van een particuliere organisatie; daarom
komt particuliere
onderscheiding
/ insigne altijd onder de officiële.
Het is dus mogelijk om - indien men daaraan behoefte
heeft een Koninklijke onderscheiding ( bij voorkeur dus
het draagteken) of nationaal ereteken te combineren met
een erespeld van de LKV, OB of NOV, of met het teken van
verdienste van de VBZ of vakbond voor Defensiepersoneel
VBM-NOV.
De Koninklijke onderscheiding en - of het nationale
ereteken ( zoals een veteraneninsigne) komt boven het
verenigingsinsigne.
Het verdient aanbeveling om slechts één
verenigingsinsigne te dragen. In dat geval zal een
ereteken wegens verdienste ( erelidmaatschap, teken van
verdienste) de voorkeur hebben boven een insigne voor
langdurig lidmaatschap.
Indien men een verenigingsereteken wegens verdienste wil
combineren met een insigne voor langdurig lidmaatschap
dan verdient het de voorkeur om het "verdienstenteken"
het dichtst bij de binnenrand van de linkerrever te
dragen.
Het teken voor langdurig lidmaatschap komt dus dichter
bij de ( linker) oksel.
Bron: Verenigingsnieuws VBN /
NOV
Magazine Trivizier 9 / 2010.
| |