|
Wie
was marinier P.J. Houtepen?
Bron:
Tekst en foto IMH via George Visser
Ter
gelegenheid van de tewaterlating van de ondiepwatermijnenveger
„HOUTEPEN", op 26 augustus jl. bij de Arnhemse
Scheepsbouwmaatschappij te Arnhem, heeft de majoor der Mariniers C. G.
Lems M.W.O. een toespraak gehouden, waarin de heldendaden werden
geschetst van degene, naar wie deze mijnenveger werd genoemd.
„Petrus
Jacobus Houtepen," aldus maj. Lems, „werd op 4 januari 1925 te
Roozendaal Nispen geboren. Op 4 juni 1946, 21 jaar oud, sneuvelt hij
als marinier 3e klasse OVW in een kampong bezuiden Soerabaja.
De
volwassenheid heeft hij nauwelijks gekend. Toch ligt tussen beide data
een mensenleven een kórt mensenleven besloten. Als oud
compagniescommandant van Houtepen is mij door de marineleiding
gevraagd de figuur van Houtepen voor U nader te belichten. Helaas voel
ik mij onmachtig Houtepen als mens voor U gestalte te geven.
Ik
weet dat hij jong zijn vader heeft verloren, dat zijn stiefvader hem
als een eigen zoon heeft beschouwd en opgevoed, en dat de
nagedachtenis aan zoon en broer vandaag de dag bij de nabestaanden nog
een centrale plaats inneemt.
Slechts
over een korte periode uit zijn leven kan ik U enkele mededelingen
doen, die ik ben mij dat terdege bewust nauwelijks uitkomen boven
biografische bijzonderheden, die de mens
Houtepen allerminst raken.
In
1945 geeft hij gehoor aan de oproep van onze regering, zich te melden
voor de strijd tegen Japan. Hij treedt 20 jaar oud in dienst als
marinier OVW, ontvangt zijn militaire opleiding in de Verenigde
Staten, vanwaar hij eind 1945 scheep gaat naar Nederlandsch Oost Indië.
Na een kort verblijf op Malakka gaat hij in februari 1946 te Soerabaja
aan land. Een Hollandse jongen als duizenden anderen, voor wie Java,
Soerabaja en peloppos klanken zonder inhoud zijn.
Houtepen
is als automatisch geweerschutter ingedeeld bij een infanteriepeloton
van compagnie F, 2e infanterie bataljon, van de
Mariniersbrigade," aldus majoor Lems. En hij ging verder:
„Twee
gebeurtenissen volgen elkaar nu snel op. Op 7 mei 1946 maakt hij deel
uit van een patrouille, welke opdracht heeft de tegenstander uit een
bepaald gebied ten zuiden van Soerabaja te verdrijven.
Na
zware tegenstand bereikt de patrouille nabij de kampong Doengoes het
daar lopende irrigatiekanaal. Houtepen is dan één der eersten die
nog steeds onder vijandelijk vuur over enkele samengebonden
pisangstammen het kanaal oversteekt, met zijn mitrailleur naar voren
dringt, stelling neemt en door goed gericht en verrassend vuur de
tegenstander verdrijft.
Een
maand later: 4 juni 1946, Kampong Samoiboeloe, eveneens ten zuiden van
Soerabaja.
Een
infanteriecolonne, gesteund door artillerie, heeft de kampongrand
bereikt en ligt onder vijandelijk mitrailleurvuur in dekking. Houtepen
werkt zich naar voren en neemt waar, dat ons artillerievuur niet op de
vijandelijke posities ligt, maar wel héél dicht voor onze eigen
troepen. Op eigen initiatief, en onder vijandelijk vuur, begeeft
Houtepen zich naar de artilleriewaarnemer en keert met deze terug
naar zijn vorige opstelling om hem de vijandelijke posities aan te
geven. Enkele ogenblikken later wordt hij, met die
artilleriewaarnemer, dodelijk door eigen artillerievuur getroffen.
Het
klinkt allemaal erg simpel.
Doengoes
en Samoiboeloe. Het zijn slechts twee akkorden uit een kort leven,
waarvan het eindakkoord vandaag naklinkt.
Zo
dadelijk zal een schip te water worden gelaten, dat trots en fier de
naam „Houtepen" zal dragen.
Het
zij in de eerste plaats voor de kleine kring van nabestaanden een
troost, dat hun zoon en broer de naamloosheid van de dood heeft
overwonnen.
Aan
de Koninklijke Marine zal een schip worden toegevoegd, waarvan de
naamgever een lichtend voorbeeld moge zijn voor hen, die in de
toekomst op deze bodem het land zullen dienen.
Voor
het Korps Mariniers een eervolle gebeurtenis, nu in haar roemvolle
historie wederom een schip de naam van een marinier zal dragen. Zelf
ben ik dankbaar dat onder mijn bevel een jongen heeft gediend, die was
zoals vele duizenden met hem waren, maar die thans uit de massa der
ongenoemden naar voren zal treden", zo besloot majoor Lems.
Vermeld
zij nog, dat minister Visser en zijn echtgenote persoonlijk van hun
belangstelling deden blijken.
De
tewaterlating werd verricht door de echtgenote van de Commandant
Zeemacht Nederland, mevrouw C. baronesse De Vos van SteenwijkWestpalm
van Hoorn.
Bij
Kon. Besluit no. 77. d.d. 3 juni 1947 werd marinier Houtepen posthuum
onderscheiden met de Bronzen Leeuw.
|