|
Baroe in tropengroen in
Hollandia
Nieuw Guinea wonderlijk land
,waar alles anders is dan anders
Aldus de Legerkoerier van
september 1962 jaargang nr 12. De auteur is de toenmalige
kapitein J.H.Buising. Onderstaand zijn verhaal of liever
gezegd reportage.
De meeste militairen van de
Kon Landmacht die thans naar een van de kleine rij
bewoonbare oorden reizen langs de 300 km lange bergachtige
of moerassige kust van Nederlands Nieuw Guinea ,maken
eerst kennis met de hoofdplaats van dit land,Hollandia,aan
de Humboldtbaai.
Zeg,dat de hoofdstad van
Nederland Vaals is of Ter Apel en ieder zou verbaasd zijn
over de exentrische ligging van zo'n centrum des
lands,maar Hollandia ,gelegen dicht bij de noor- delijke
grens met het Australische deel van dit primitiefste aller
landen is dit nog sterker het geval. Al beslaat het stadje
in zijn omvang meer grond dan onze grootste steden,toch
bergt het op zijn heuvels en in zijn dalen nog geen 20.000
inwoners,een aantal dat bij de huidige onzekerheid eerder
af dan toeneemt.
Na bijna 20 dagen varen
schuift de "Waterman"( en over enige tijd
opnieuw de "Zuiderkruis") de indrukwekkende baai
binnen,tegenwoordig steevast geëscorteerd door een van
onze Marine schepen. Meteen valt dit aan natuurschoon
overweldigende maar ook zo onherberg- zame land de
honderden jonge soldaten,die de tropengebieden nooit
aanschouwden,op het hoofd. Onwennig staren ze naar de hoge
wanden,die de baai omringen en waar langs onzichtbare
wegen auto's van de Hollandianen omlaag komen gekronkeld
op weg naar de kade om,voor zover de voorraad strekt de
militairen een ritje te gunnen,over het tamelijk
omvangrijke wegennet in en om de stad,wat de nieuwkomers
elders niet meer zullen aantreffen.
Terwijl het schip naar de
enig vrij nieuwe aanlegsteiger glijdt,kijken ze opnieuw
verwonderd naar de bonte menigte,die de kade
vult.Bruin,blank en zwart krioelt dooreen, terwijl de wat
melancholieke wijsjes van enkele inheemse
fluitorkesten,die tussen de wachtenden gedrongen staan,in
flarden tot hen doorklinken. Op de achtergrond zien zij nu
ook het lage- voor de nette Hollandse jongen rommelig
aandoende stadsdeel van Hollandia, dat duidelijk de sporen
van een plaats in opkomst vertoont,maar waar de
plaatijzeren roestkleurige daken de boventoon voeren. Dan
wordt hun aandacht getrokken naar de steiger,waar ze een
aantal figuren in keurige witte uniformen ontwaren,marine-
en landmacht officieren,en met enige begrijpelijke afgunst
vergelijken ze deze frisse dracht met hun eigen weinig
vrolijke" tropen groen" het werkpak dat ze in
ruime mate uit het dierbare vaderland hebben
meegekregen.....
Dat keurige wit blijkt de
staf van all wat er op dit eiland aan krijgsmacht zit te
omhullen.
Een aantal soldaten met
bestemming Hollandia gaat na de officiële verwelkoming
van boord. Voor hen is het verblijf begonnen. De anderen
gaan eerst nog wat passagieren voor het schip zijn reis
vervolgt. De blijvers zullen - de wat onthutsende
kennismaking ten spijt,- spoedig weten wat Hollandia en
ruime omgeving bieden. Dan praten ze net zo makkelijk over
het Marinekamp boven of het Kloofkamp beneden of het
"Groene dorp" als de anderen. Ze zullen ook
zwemmen in het ydillische zwembad in het vakantie-achtig
aandoende Kloofkampje of bij base "G"
een strand buiten Hollandia
aan de baai. Ze zullen ook spreken van
"Polimacweg,dock 4 of dock 5,waarmee de nieuwe
wonwijken steeds hoger in de heuvels worden
genoemd,allemaal herinneringen aan de tijd dat de
Amerikanen hier een grote bases aanlegden,springplank voor
hun verovering van de Philippijnen.Ze zullen direct
ervaren dat het verkeer hier links is ,zoals overal in het
verre Oosten en Nieuw Guinees en ruig !! Want iedere
automobilist,motor of scooterrijder- daaraan is hier geen
gebrek- kent elke bocht,iedere bobbel en alle kuiltjes van
de belende wegen tot op de meter nauwkeurig. Alles blijkt
hier anders te zijn thuis en bij de parate troep in de
vertrouwde legerplaats. Het aantal afkortingen is hier
blijkbaar nog groter en klinkt volstrekt vreemd.
Marine-taal
Ook de marinetermen vereissen
enige studie,want men komt onherroepelijk in contacht met
de mariniers.Zo stond een verse sergeant in en tijdelijk
kampje met zijn oren te klapperen toen een marineman hem
telefonisch mededeelde:" Ik kom binnen een halfuur
met de sloep naar beneden om D.D.T. te spuiten. Zorg dat
het komaliewant eruit is ....." Ook de aan-
spreektitel van de hen bezoekende Schout bij Nacht Reeser
( Commandant Strijdkrachten Nieuw Guinea) is voor de
baroes
( nieuwkomers) van dit leger
nog wel eens een struikelblok. Ze antwoorden op zijn
vragen vaak met "Ja schout,nee schout" En als
iemand hen gedienstig op weg tracht te helpen met
"schout bij nacht"kijken ze hem grijnzend aan en
denken kennelijk; Kom,kom,nou moet u mij het niet te gek
maken.
Trouwens niet alleen de
sergeant en de soldaat staan vorr zulke verrassingen. Ook
een officier zat vreemd te kijken toen een longroobediende
hem vroeg: U bent zeker ketelaar? en hij ,weer in z'n wiek
geschoten zei: Nee die ben ik niet ik ben kapitein zus of
zo. Want wie bij de landmacht weet dat een ketelaar een
na-eter is?
Nog vreemder misverstand
schept de vraag: wanneer hebben jullie overal?
( = reveille),met als
antwoord: we hebben helemaal geen overal. Een marine kreet
waaraan de strijdkrachten in Nieuw Guinea bijna niet
kunnen aan ontkomen is de druk gehanteerde kreet
"scharrig",wat zoveel zeggen wil als armoedig.
Ook zijn er op het gevied der gezondheid een paar fraaie
termen populair,zoals "Biakbuik"Karangoren en
Lemkakken. Het eerste is de benaming voor een buikloop die
veel nieuwelingen de eerst dagen op Biak teistert. Het
Karangoor is geen uitgroeiend oor van grillige vorm,zoals
de klank doet vermoeden maar een ontsteking van het
trommelvlies veroorzaakt door koraal diertjes die in het
water drijven.
Bij lemkakken zijn de kakkies
( voeten) aangetast door een hardnekkige voetschimmel.
Heeft men de afkortingen,de marinetermen en andere
ongemakken onder de knie,dan vraagt de fauna van dit
eiland der paradijsvogels nog enige aandacht. Deze
felgekleurde vogel komt overigens niet eens ter sprake.
Wel de vogel die 's-morgens bij zonsopgang steevast het
beginwijsje van "Iedere morgen om halfnegen"
fluit.ofschoon het pas halfzes is en het dier geen weet
heeft van de schipbreuk die Katinka leed op het laatste
songfestival in Luxemburg. Ook de balenkraai een rake
benaming , is een vogel die van slag af is. Op de een of
andere manier beschikt hij over een slecht geölied
snavelscharnier,waarmee hij allernaarst krast en knarst.
Het is verheugend dat de humor leeft in dit land,waarvan
men in het vaderland feitelijk zo weinig idee heeft.
Samenwerking
De militairen die er heengaan
en zij die er al zijn ingeburgerd,aanvaarden hun
uitzending naar dit onbegrepen Nieuw Guinea met grote
nuchterheid en verwerken spoedig de vreemde ervaringen die
zij in het begin ondergaan. Ieder moet hier tonen te
beschikken over het nodige improvisatie en incasserings
vermogen want door de stroom versterkingen stapelen de
toch al niet geringe problemen van huisvesteing vervoer en
bevoorrading zich op.Bij de gehele strijdmacht hier wordt
alles naar vermogen in prima samenwerking opgelost. Want
zowel op de staf in Hollandia als op de posten waar
soldaten en mariniers steeds nauwer gaan samenwerken in
hun acties om het land zo goed mogelijk te beveiligen,weet
ieder dat men op elkaar is aangewezen,het samen naar beste
vermogen moet rooien. Dat wil niet zeggen dat men juichend
naar dit land toegaat,dat men geen krtiek heeft op zaken
hier en vooral in Nederland ( daarvan tuiten soms de oren)
maar aangekomen zet men zich van hoog tot laag
bereidwillig aan de zware taak die men met zo weinigen
moet torsen.
Op een pijler vooral steunt
de stemming,de werklust,de inspanning,het goede humeur: op
de post die 2x per week binnenkomt. Men kan de
familieleden en de kennissen er niet genoeg van overtuigen
hoe belangrijk het voortdurende contact met hen is. Daarom
is de thans afgekomen portvrijdom dan ook met veel
voldoening ontvangen. Eindelijk iets goeds uit het
vaderland,zei een cynisch man.Men houdt zich hier voor
ieder oprechte belangstelling en steun uit Nederland van
harte aanbevolen.
B.
|